Afrika wil af van enorme weeshuizen

De discussie rondom de negatieve impact van weeshuizen op kinderen leeft niet alleen in Nederland. Verschillende Afrikaanse overheden zijn al een tijd bezig met het uitfaseren van dit soort massa-instellingen. Kenia, Rwanda en Sierra Leone, bijvoorbeeld, kiezen er beleidsmatig voor om kwetsbare kinderen te herenigen met hun ouders en biologische familie of, als het niet anders kan, op te vangen in pleeggezinnen.

Kinderen spelen bij een weeshuis in Nairobi. © foto epa Kinderen spelen bij een weeshuis in Nairobi.

Het wordt vaak met de beste bedoelingen gedaan: Tehuizen opzetten voor kinderen zonder stabiele gezinssituatie. Want waar kunnen ze anders heen, denken goede Samaritanen vaak. Het antwoord is simpel, zegt Patricia Nieuwenhuizen, coördinator van de Nederlandse tak van het Better Care Network, een internationaal netwerk van organisaties dat kinderen zonder adequate ouderlijke zorg bijstaat. „Kinderen zijn het beste af bij de eigen familie, tijdelijke pleeggezinnen of in het laatste geval kleinschalige gezinshuizen waar ze vastigheid, persoonlijke aandacht, en permanente verzorgers hebben.”

Schadelijk

In weeshuizen is dat vaak lastig. Hier wonen tientallen, soms honderden kinderen. „Onderzoek laat zien dat opgroeien in een weeshuis schadelijk is voor hun fysieke groei, cognitieve ontwikkeling en mentale gezondheid”, zegt Nieuwenhuizen, daaraan toevoegend dat 80% van de weeskinderen niet eens wees zijn. „Soms zien arme ouders zich genoodzaakt hun kind hier achter te laten, in de veronderstelling en met de hoop dat het hier een betere leven en toekomst krijgt.”

Veel Afrikaanse overheden erkennen de negatieve impact van tehuizen. Zo heeft Kenia, waar 830 geregistreerde kinder- en weeshuizen gezamenlijk zo’n 40.000 kinderen opvangen, jaren terug een stop gezet op de bouw van nieuwe weeshuizen. Intussen werken de regering en partnerorganisaties hard om kinderen die er om wat voor een reden alleen voor staan te herenigen met hun ouders of familie. Vaak kan dat, zeker wanneer gezinnen hulp krijgen in de opvang, zegt Michelle Oliel, een Canadese mensenrechtenadvocaat en oprichter van Stahili. Deze stichting werkt met de Keniaanse autoriteiten samen om kinderen terug te brengen naar hun families. „We ondersteunen kinderen en families met onder meer psychosociale hulp, onderwijs, voedsel, kleding en onderdak.”

Bij kleinschalige opvang, zoals hier in Ethiopië, past liefde en zorg beter. © Foto Beter Care Network Bij kleinschalige opvang, zoals hier in Ethiopië, past liefde en zorg beter.

Kinderen in de knel

Ook Malawi, Zambia en Rwanda hebben hun weeshuizenbeleid herzien of zijn daarmee bezig. In Rwanda wonen nog maar 430 kinderen in 4 instellingen, in plaats van duizenden kinderen in tientallen instellingen vlak na de genocide. „Het land heeft hard gewerkt aan het herstellen en versterken van familie- en gemeenschappelijke banden zodat kinderen in de knel, net als vroeger, binnen de gemeenschap worden opgevangen en niet in weeshuizen”, zegt Oliel.

In De Gambia ziet men het net zo. Daarom heeft SOS Kinderdorpen hier verschillende programma’s ontwikkeld om kwetsbare families te versterken om te voorkomen deze uiteen vallen en duizenden kinderen per jaar er alleen voor komen te staan. „Voor kinderen zonder ouders of veilig thuis biedt de organisatie tijdelijke opvang in een SOS-familie terwijl er wordt gekeken of hereniging met de biologische familie mogelijk is”, zegt communicatieadviseur Lenneke Damen.

Morele plicht

Intussen zorgt de Sunday Foundation van de Rotterdammer Sander de Kramer in Sierra Leone, samen met de lokale autoriteiten, er al dertien jaar voor dat weeskinderen bij hun familie blijven of ernaar terugkeren. „Dat is overigens de morele plicht hier. Familie hier zorgt voor familie”, zegt hij, daaraan toevoegend dat weeshuizen, ondanks de vaak goede bedoelingen, het leven voor kwetsbare kinderen juist erger maakt, vooral wanneer er voor vrijwilligers werken. „Deze mensen zijn lief voor ze, waardoor kinderen zich aan hen hechten. En dan gaan ze weer, wat verlatings- en bindingsangst en andere psychische problemen in de hand werkt.”

De Kramer legt uit dat Sunday Foundation kinderen, maar ook hun families ondersteunt. „We bereiken 350.000 tot 400.000 met onze programma’s, scholen, gezondheidszorg en toegang tot startkapitalen.”

Doneren

Dat permanente weeshuizen slecht nieuws zijn, betekent niet dat iedereen nu meteen moet stoppen met doneren. „Daar hebben kinderen niets aan. Ze kunnen vaak niet van de ene op de andere dag terug naar familie. Wat belangrijk is, is om vragen te stellen aan de instelling die je steunt. Is zo’n tehuis tijdelijk? Werkt het naar een transitie van gezinszorg?” zegt Nieuwenhuizen.

Wereldverbeteraars die meer willen doen dan geld storten en iets concreets willen doen, wordt aangeraden om niet iets nieuws te beginnen, maar om samen te werken met bestaande projecten, zegt Oliel. „Er gebeurt in Afrika al zoveel! Het is veel efficiënter om wat er al is te versterken in plaats van een nieuw project op te zetten.”

Afrika wil af van enorme weeshuizen